Beeldende kunst is een complex vak waarin hoge eisen werden gesteld aan de –professionele- beoefenaars. Het is zo complex omdat tegelijk een beroep wordt gedaan op ‘harde’ en ‘zachte’ kunde. ‘Harde kunde’ is te vergelijken met wetenschap: kennis van materialen en technieken, hoe die toe te passen en ook van alle vaardigheden die in de loop der eeuwen zijn ontwikkeld. ‘Zachte kunde’ berust op gevoel, intuitie, maar ook op doorzicht en oorspronkelijkheid.

 Het classical ART college biedt de ‘harde’ kunde aan als theorieprogramma’s en met thuisopdrachten (anatomie, compositieleer, perspectiefleer), de ‘zachte’ kunde via praktijkoefeningen. Kunstgeschiedenis dient daarbij als referentiekader.

 Als online academy zijn de lesprogramma’s flexibel te volgen: als postgraduate courses voor gevestigde kunstenaars die hun kennis op onderdelen aan willen vullen, maar ook als beroepsopleiding voor aankomende kunstenaars. De programma’s kunnen zowel apart als in combinaties naar keuze worden gevolgd.  In het laatste geval gelijktijdig of achter elkaar.

 

Course:   'Compositie en ordonnantie'

 


Programma:
Na een introductie over balans en disbalans, behandelt de leergang compositie drie vormen van indeling van een oppervlak,  telkens verbonden met thuisopdrachten die na inzending zullen worden besproken, Dit wordt afgerond met de expressieve waarden.Compositie is technisch gezien het arrangement van vormen, tonen en kleuren op een gegeven oppervlak (meestal een rechthoek).
Ordonnantie komt op hetzelfde neer, maar dan ook met een suggestie van ruimte. In de klassieke schilderkunst worden beide benaderingen tegelijk toegepast.
Inhoudelijk gezien is compositie de mise-en-scène van de afbeelding, de compositie bepaalt de overtuigingskracht.

Technieken: Er wordt gewerkt met schilder- of schilderachtige technieken in diverse materialen (o.a. houtskool, pastel en acryl). Behandeld worden:

      

De geometrische compositie, berustend op o.a. horizontalen en verticalen, op diagonalen, etc.

       

De dynamische compositie, waarin wordt gewerkt met bogen en lussen, met ‘dansende’ vormelementen, al dan niet in clair-obscur, en  nog veel meer

   

De 'muzikale' compositie, gebaseerd op bijv. ritme of kleurgebruik, alles af te ronden met expressievormen, waarin al deze elementen worden toegepast.

Duur: 30 lesweken, ingedeeld in 5x5 lesweken + 5 reflecties 

 

Course:    'Vorm en anatomie'

 

Vorm is het meest kritisch in de weergave van de menselijke figuur. Vertrekpunt is daarom de leergang menselijke anatomie, gekoppeld aan thuisopdrachten.

Programma: Na een algemene inleiding over o.a. proportieleer en dynamiek, wordt de menselijke anatomie in onderdelen doorgenomen en toegelicht. Aan elk onderdeel is een thuisopdracht verbonden.

Technieken: Bij de uitvoering van thuisopdrachten worden diverse tekentechnieken aangewend (grafiet, houtskool, krijt, inkt, gewassen inkt, enz.) Tekenen is de basis van alle beeldende kunst. Dit te ontwikkelen is een voorwaarde.

Er wordt aandacht besteed aan proporties en volumes;

Aan functies en beweging van botten en spieren;

 

En tenslotte aan de meer gedetailleerde vormen die worden bepaald door skelet en spieren.

Duur: 30 lesweken, ingedeeld in 5x5 lesweken + 5 reflecties 

 

Course:   Plastiek en perspectief

 

Plastiek en perspectief betreft de kunst hoe ruimte te suggereren op een plat vlak. Daarbij zijn er twee soorten van ruimte: het schijnbaar doen opbollen (plastiek) en het suggereren van diepte (perspectief).

Programma: plastische effecten berusten op een aantal vuistregels, nadat deze zijn besproken - en via thuisopdrachten zijn geïnternaliseerd - gaat de leergang verder met de perspectivische suggestie van ruimte en diepte. Daarbij is onderscheid in optisch perspectief (van toepassing in landschap) en geometrisch perspectief.

Technieken: afhankelijk van het onderwerp wordt gebruik gemaakt van diverse teken- en schildertechnieken.

 

Er wordt begonnen met licht-schaduw werking, of ‘clair obscur’

 

Vervolgd met de optische werkwijze

 

En afgerond met het geometrisch perspectief

Duur: 30 lesweken, ingedeeld in 5x5 lesweken + 5 reflecties 

 

Course: Kunstgeschiedenis

 

Kunsthistorische beschouwingen worden vandaag de dag meestal geschreven door theoretici.  Maar in vroeger tijden schreven de kunstenaars die zelf.
Belangrijk verschil is dat kunstenaars schrijven vanuit een praktisch interessegebied: hoe en waarom ontstaan kunstwerken? En wat willen we ermee, of waartoe dienen ze?  Deze leergang is vanuit die kunstenaarsoptiek opgesteld

Programma:  Het kunsthistorisch overzicht is ingedeeld in twee opeenvolgende perioden van 25 geïllustreerde hoofdstukken elk. De eerste periode begint in de IJstijd, en behandelt de opkomst van uiteenlopende culturen in alle delen van de wereld. Aan deelnemers wordt gevraagd om elke aflevering van commentaar te voorzien.

Periode 1: Wereldkunst, 40.000 vC - 1400 AD;

 

Ze begint met de oudheid, hoe het allemaal begon en vervolgt dan met de klassieke tijdperken, die overal ter wereld hebben gebloeid.

 periode 2: de invloed van Europa, 1400-heden. 

Dan verplaatst de focus zich vooral naar Europa en haar perioden van bloei in diverse culturen en tijdperken.

Het eindigt met het Modernisme, het Postmodenisme en de Resurrectie die momenteel aan de gang is.

Duur: 2 perioden van 30 lesweken elk.
Periode 1 vanaf medio 2020; Periode 2 vanaf medio 2021.
Per periode ingedeeld in 5x5 lesweken + 5 reflecties